![]() |
Protestantse Gemeente Hengelo Manifest van Advent 2009 |
De voorzitter van de Stichting 12 Imams, Enis Odaci, zocht
contact met ds. Herman Koetsveld, een van de initiatiefnemers van het
‘Manifest van Advent 2009’ waaraan deze site en in tal van andere media
de nodige aandacht werd gegeven. In een briefwisseling vertellen zij
elkaar van hun visies waarin het woord ‘vertrouwen’ een hoofdrol blijkt
te spelen.
Beste Herman,
Waar een goedgekozen woord al niet toe kan leiden. Ik kreeg via een
vriend de tekst van het ‘Manifest van Advent’ onder ogen, waarin jij met
je medeondertekenaars afstand neemt van de harde toon van het
maatschappelijke en politieke debat. Ik schreef je toen: ‘Men kan niet
anders dan geroerd zijn na het lezen van deze tekst, die vol staat van
spiritualiteit, hoop en vooral menselijkheid’. Zo is het contact tussen
ons ontstaan.
Al eerder was ik door een gesprek met een Haagse politicus aan het
denken gezet. Ik had hem gevraagd: "Waarom heeft u het nooit over de
positieve aspecten van de Islam in Nederland?" Zijn antwoord was
eenvoudig en direct. Hij zei: "Hoe vaak heeft u het erover?" In zijn
antwoord ligt natuurlijk geen verwijt, maar een oproep. Jij bent
predikant, ik ben ambtenaar, maar we hebben elk op onze eigen wijze een
voorbeeldfunctie. Mensen zoals jij en ik moeten uiteindelijk zelf de
verandering vorm geven. We moeten zelf de verandering zijn.
Wat maakt nu een sterke samenleving? In mijn beleving is 'vertrouwen'
het sleutelwoord. Vertrouwen in 'de ander'. Als ik mijn buurman, of mijn
collega's, mijn vrienden, mijn gezin, mijn God, al die zaken.... als ik
het vertrouwen in hen opzeg, zeg ik feitelijk het vertrouwen in mijzelf
op. Dan geef ik mij over aan het wantrouwen van anderen.
Woorden ontstijgen als je ze goed gebruikt cultuur, politiek, religie en
landsgrenzen. Was dat nu niet de kracht van onze Heiligen zoals Mozes en
Christus? Mohammed verwijst in zijn toespraken regelmatig naar Christus.
Hij adviseerde, als aanvulling op Jezus' woorden, om met de mensen op
hun eigen niveau te spreken, anders zou men blijven steken in een
monoloog. Ik wil een dialoog, een ontmoeting.
Vertrouwen is ook het willen begrijpen van de ander, zelfs als zijn
denkbeelden je helemaal niet aanstaan. Vertrouwen wakkert diverse kleine
vonkjes in een mens zijn ziel aan... zodat er misschien een vuurtje
ontstaat dat de omgeving verlicht. Ik geloof dat je alleen vertrouwen
kunt geven als je over de grenzen van je eigen en van andermans
vooroordelen heen kunt kijken. Een vooroordeel is toch feitelijk niets
anders dan een uitnodiging voor een goed gesprek tussen twee mensen...?
In onze huidige samenleving merk ik dat de vragen over de Islam steeds
talrijker worden. Ik krijg dagelijks per mail, telefoon, op mijn werk en
in mijn vriendenkring vragen over de actuele thema's van vandaag. Het
vermoeit me niet, integendeel. Er zitten goede en pittige vragen tussen,
vijandige soms, maar vrijwel altijd leiden mijn antwoorden tot een
aanvullende vraag. En dat biedt hoop! Ik zou graag willen dat wij het
benadrukken van de waarheid of onwaarheid binnen en tussen religies en
culturen kunnen loslaten.
En dat die simpele groet, die glimlach, die steun en dat luisterend oor,
een groot deel van de verschillen doet vervagen. Herman, ik geloof tegen
al het tegendeel in, dat de weg van het vertrouwen in deze tijd een
begaanbare weg is. Wat vind jij?
Hartelijke groet, Enis Odaci.
Beste Enis,
Allereerst: wat ben ik blij met jouw initiatief om het gesprek met mij
te zoeken. Je schreef me dat de tekst van ons ‘Manifest van Advent’ je
diep geraakt heeft. Het is de zoveelste illustratie van de geestkracht
van het woord. Het kan maken čn breken. Ook jouw brief máákt! Want van
voor naar achteren zoek je naar wat verbindt, naar wat reikt over de
grenzen tussen culturen en religies die steeds meer met hoge en harde
muren worden opgetrokken. Wat me onmiddellijk aanspreekt is dat je zegt
‘we moeten zelf de verandering zijn’. Dat is licht en zwaar tegelijk.
Licht, want het bevrijdt ons beiden van de nationale hobby om naar
anderen te wijzen die er natuurlijk per definitie een potje van maken.
Ik mag dus gewoon bij mezelf blijven en putten uit mijn eigen bronnen
van geloof, hoop en liefde. Maar ook zwaar: want de tijdgeest van angst
en wantrouwen besluipt ook mijn ziel als ik even niet oplet. En heb jij
dat dan ook niet dat je je dan soms zo ellendig machteloos en alleen
kunt voelen?
Je raakt me met je inzicht in de kracht van het vertrouwen. Het opzeggen
van het vertrouwen in de ander – en hoe bijzonder dat je de buurman en
God in één adem noemt – zie je als het opzeggen van het vertrouwen in
jezelf. Je noemt het niet, maar ik hoor er overal het woord
‘verantwoordelijkheid’ in door. In de diepere zin bedoel ik: wij worden
mens als we ‘antwoorden’ op wat wij ‘horen’ – van Godswege geloof ik –
om een weg van vrede te zoeken voor iedereen die op onze weg komt.
Het zou te naďef zijn als wij zouden verwachten dat middels tekenen van
respect over en weer verschillen zullen vervagen. Dat hoeft ook niet wat
mij betreft. Die verscheidenheid zie ik als uiting van de creativiteit
van de Schepper. Als ik alleen al even naar mijn eigen kerk kijk (PKN)
dan zie ik indrukwekkende verschillen tussen mensen. Er doen
‘uitdossingen’ van God de ronde waar ik me helemaal niets bij voor kan
stellen. In de Bijbel (en ook in de Koran) staan gewelddadige passages
over de Eeuwige die ik nooit en te nimmer voor mijn rekening zou willen
en kunnen nemen, maar die anderen tot mijn niet geringe verbazing - soms
verbijstering - wel kunnen nazeggen. Die geloofsverschillen zijn van
alle tijden. Om het nog maar niet over alle culturele eigenaardigheden
te hebben.
Je suggereert dat we het daarom niet al te nadrukkelijk over de vraag
naar de waarheid van onze religies moeten hebben. Daar komt gedonder van
(mijn woorden). Klopt. Tenzij we die vraag zo beantwoorden zoals jij
zelf doet: namelijk met de bril van het vertrouwen op onze neus. Jezus
zei het nogal eens zo als hij een intense ontmoeting had: ‘jouw
vertrouwen is je redding’. En zie daar: jij vertelt mij als moslim hoe
Mohammed Jezus’ woorden van een uitroepteken voorziet. En als vanzelf
ontstaat het gesprek en delen we onze fascinatie voor onze tradities, de
kracht van de verbeeldende taal voor nu, de hoop op een vredevolle
toekomst voor deze wereld. Met jouw brief en jouw wijze van mij tegemoet
treden plavei je de weg van het vertrouwen - wellicht ongemerkt en
onbewust - en maak je hem voor mij en anderen weer een stukje
begaanbaarder. Ik ben je er zeer dankbaar voor!
Herman Koetsveld
Laatste wijziging 03-04-2010 door webmaster
